Niet alleen de kostprijs van fritesaardappelen stijgt in 2013, zoals in het januarinummer van Genoeg is Beter is vermeld. De kostprijs van tarwe stijgt op het gemiddelde bedrijf van ‘Arie Kleistreek’ naar € 0,27 per kilo.

De kostprijs van fritesaardappelen van lichte gronden levering af-land stijgt in 2013 naar 11,7 eurocent en die voor kleiaardappelen levering april 2014 naar 16,4 eurocent, zo bleek uit het voorbeeld van ‘Frank Pieper’ in het januarinummer. Door duurder zaaizaad, prijsstijging van gewasbescherming (zowel onkruid als ziekten en plagen), hogere kosten van schonen en drogen, duurdere diesel, hogere tarieven van loonwerk, hogere grondkosten en meer algemene kosten,  gaat ook de kostprijs van graan behoorlijk omhoog en komt uit op € 0,27. De berekening van de kostprijs vindt u bij ‘Kostprijzen en saldo’s’. Daar kunt u ook uw eigen kostprijs berekenen en zien of u hoger of lager uitkomt dan collega ‘Arie Kleistreek’. Vergeet niet om alle kosten mee te nemen en probeer een eerlijk beeld te krijgen van de kostprijs op uw bedrijf.

Kostprijs-opbrengstprijs
Tegenover de kostprijs staat de opbrengstprijs. Gelukkig is de markt beter dan een paar jaar geleden. Maar met opbrengstprijzen van pakweg € 0,24 kun je moeilijk spreken van torenhoge prijzen zoals sommigen beweren. Inderdaad de graanprijs is hoger dan in de beruchte lage-graanprijs-jaren. Enig historisch inzicht kan geen kwaad als wordt gesproken over de hoogte van graanprijzen. Kennis van de werkelijke kostprijs helpt ook om de huidige graanprijs op waarde te schatten. In de grafiek is aangegeven hoe de opbrengstprijs van graan zich in de loop der jaren heeft ontwikkeld. 

Gewend aan …
ABN Amro stelt bij de grafiek uit het grondstoffenrapport: ‘Prijzen van granen in Europa zijn in historisch perspectief eerder laag dan hoog. Bij gebruikers bestaat zorg over de hoge grondstofprijzen, ook bij veehouders. Echter in historisch perspectief zijn de prijzen van graan eerder laag dan hoog te noemen (…). De langjarige prijsontwikkeling van tarwe in Nederland vertoont een daling, zeker na correctie voor inflatie. In 1973 kostte tarwe € 160 per ton. In 2010 kostte een ton tarwe ook € 160. De reële prijzen zijn dus flink gedaald. Alleen in 2008 en 2011/2012 was sprake van reëel prijsherstel. De markt is afgelopen decennia gewend geraakt aan lage graanprijzen.’

De reële prijs van Europese tarwe daalt al sinds 1970. Door verlaging van de interventieprijzen heeft de mondiale volatiliteit ook grip gekregen op de Europese graanprijzen (reële tarweprijs is gecorrigeerd voor inflatie).

grafiek graan-1

 

 

 

 

 

 

Bron:Landbouw Economisch Instituut, CBS, bewerkt door ABN AMRO  

NAV, 8 februari 2013